KinderRijk als lerende organisatie

KinderRijk heeft de afgelopen maanden intensief stil gestaan bij de aanbevelingen uit het rapport van de commissie Gunning. Ouders, medewerkers en management onderzochten gezamenlijk welke lessen KinderRijk kan leren uit de bevindingen van de commissie en welke aanscherpingen van het beleid nodig zijn. Want de veiligheid van kinderen had en heeft topprioriteit.

Op 11 april 2011 verscheen het rapport van de commissie Gunning. Deze commissie onderzocht ‘de Amsterdamse zedenzaak’ en doet in haar rapport aanbevelingen om in de toekomst de veiligheid van kinderen op kinderdagverblijven beter te waarborgen. Management, medewerkers én ouders van KinderRijk hebben zich gezamenlijk gebogen over deze aanbevelingen en zijn erover in gesprek gegaan. Wat doen we al goed? Wat verdient (opnieuw) aandacht? En waar is aanscherping van beleid nodig? Ook de buitenschoolse opvang is onder de loep genomen. Op vier hoofdpunten is het beleid aangescherpt.

 

Het vier-ogen principe

Een eerste uitgangspunt is dat er altijd vier ogen, dus twee pedagogisch medewerkers, op een groep aanwezig moeten zijn. Medewerkers dienen elkaar en de kinderen goed te kunnen zien, gedurende alle momenten van de dag. Op kinderdag ver blijven zijn overdag altijd twee pedagogisch medewerkers op de groep. Omdat er in de pauze minder medewerkers zijn, kunnen groepen bijvoorbeeld worden samen gevoegd of blijven de deuren tussen twee groepsruimtes open. Ook bij de start en afsluiting van de dag zijn er altijd minimaal twee medewerkers aanwezig.

 

Bij een halve groep op de BSO (één pedagogisch medewerker met maximaal tien kinderen) is er extra aandacht voor de zichtbaarheid van de medewerker en groep, enkele gebouwen zullen daarop worden aangepast. Een aanscherping van het beleid betreft invallers. Naast een invaller moet altijd een vaste kracht staan, ook als deze (tijdelijk) uit een andere groep moet komen. Alleen vaste medewerkers, flexers en oproepkrachten die goed bekend zijn met de locatie mogen de vestiging openen en sluiten.

 

Gebouwen waarin er altijd goed zicht is op de eigen groep, de groep ernaast en de verschoonruimte versterken het vier-ogen-principe. De meeste KinderRijk gebouwen zijn zo gebouwd; hier en daar zullen nog enkele kleine aanpassingen uitgevoerd worden. Uiteraard mogen ramen tussen ruimtes niet worden beplakt. In alle slaapruimtes van KinderRijk staat een babyfoon aan eventueel gecombineerd met een camera. Alle kinderdagverblijven hebben deurcodes. Deze worden regelmatig gewijzigd.

 

Het vier-ogenprincipe geldt ook voor uitstapjes. Voor de kinderdagverblijven geldt dat uitstapjes alleen kunnen plaatsvinden wanneer er minimaal twee volwassen begeleiders meegaan, waaronder in ieder geval één pedagogisch medewerker. Op de buitenschoolse opvang mogen medewerkers uitsluitend op stap met een groepje kinderen, dus nooit één op één.

 

Cultuur van de organisatie

Een heel belangrijk punt van aandacht is de cultuur van de organisatie, met name een emotioneel veilig werkklimaat. Dit betekent concreet: elkaar (durven) aanspreken op gedrag, feedback geven als een collega, ouder of anderszins betrokkene afwijkend gedrag vertoont, gevoelens of twijfels kenbaar durven maken en niet bang zijn voor de consequenties die dit met zich meebrengt. In individueel werkoverleg, teamoverleggen, functioneringsgesprekken en op overige momenten moet dit onderwerp steeds terugkomen.

 

KinderRijk kent strikt beleid ten aanzien van integer handelen. Hiervoor wordt bij aanname in het arbeidsvoorwaardengesprek een gedragscode doorgenomen en ondertekend. De gedragscode behelst onder andere dat pedagogisch mede werkers een professionele afstand bewaren van de privésituatie van ouders en kinderen.

 

KinderRijk kent een schriftelijke klachten- en signalenprocedure voor ouders én mede  werkers. Naast de individuele afhandeling zal het management ieder kwartaal de binnen gekomen klachten bespreken. Signalen van ouders over medewerkers worden opgenomen in het personeelsdossier. Om ouders een beter beeld te geven van de medewerkers zullen op iedere vestiging foto’s van hen hangen, ook van de oproepkrachten. Ook is er een overzicht van wie er per dag op de groep staan. In de BSO wordt bedrijfskleding verplicht: herkenbare KinderRijk t-shirts en bloesjes in de bekende roze en grijze kleuren.

 

Het beleid ten aanzien van het gebruik van (digitale) foto- en filmapparatuur en het verspreiden en gebruiken van beeld materiaal is opnieuw en scherper vastgelegd. Op de vestigingen mogen alleen de vaste medewerkers foto- of filmopnamen maken. Ze mogen daarbij alleen camera’s gebruiken die eigendom zijn van KinderRijk. Privécamera’s en mobiele telefoons van medewerkers zijn niet toegestaan. Het downloaden van materiaal van de eigen KinderRijk-camera’s mag alleen via KinderRijk-computers.

 

Ouders dienen actief akkoord te geven voor het gebruik van fotomateriaal in publicaties en op de website. Op verzoek van de ouders mogen ouders in principe wel fotograferen bij de verjaardag van hun kind, maar bij het maken van foto’s op de groep dienen zij rekening te houden met verzoeken van ouders van de andere kinderen in de groep.

 

Personeel

KinderRijk zal met nog meer zorg personeel aannemen dan voorheen. Nieuwe medewerkers dienen een verklaring omtrent het gedrag te overleggen, voordat zij kunnen starten met werken. Referenties werden altijd al standaard nagetrokken, voortaan vormen ze een vast onderdeel van het personeelsdossier.  Ook gespreksverslagen, klachten, incidenten en signalen worden altijd opgenomen in het personeelsdossier van de betreffende medewerker, ook als het gaat om oproepkrachten. Er zijn reeds goede afspraken en procedures voor periodieke functionerings-en beoordelingsgesprekken.

 

Ook gaat met alle oproepkrachten een persoonlijk arbeidsvoorwaardengesprek worden gevoerd, waarin zij tekenen voor de gedragscode en andere procedures. Tevens zullen met oproepkrachten op structurele basis evaluatiegesprekken worden gevoerd. De uitzendbureaus waarmee KinderRijk samenwerkt, dienen aan te tonen dat ze daadwerkelijk onderzoeken of uitzendkrachten een verklaring van goed gedrag en de juiste diploma’s hebben.

 

Pedagogische kwaliteit

Pedagogische kwaliteit wordt geborgd door ieder nieuw personeelslid basisscholing te bieden op het gebied van pedagogiek en veiligheid. Personeel dat al langer in dienst is, kan ook pedagogische (bij)scholing krijgen. Leidinggevenden zijn allen minimaal HBO-niveau geschoold, indien nodig worden zij pedagogisch (bij)geschoold. KinderRijk zal ook beleid ontwikkelen  om ook meer HBO’ers in te zetten als pedagogisch medewerker. Pedagogiek is een belangrijk onderwerp van gesprek in functionerings- en beoordelingsgesprekken.

 

Kortom, met bovenstaande aanbevelingen uit het rapport van de commissie Gunning is KinderRijk volop aan de slag en gaat hier in 2012 mee verder. KinderRijk ziet haarzelf als een lerende organisatie.

terug

Overig nieuws

KIK blijft zich houden aan Beleidsregels kwaliteit kinderopvang

KIK is een landelijk samenwerkingsverband tussen twaalf kinderopvangorganisaties. In een brief aan minister Kamp heeft KIK laten weten haar maatschappelijke verantwoordelijkheid te nemen en zich te zullen blijven houden aan de bepalingen uit de Beleidsregels kwaliteit kinderopvang.

Opvangplaatsen beschikbaar

Op zoek naar professionele opvang voor uw kind? KinderRijk biedt kindgerichte opvang van hoge kwaliteit waar kinderen gestimuleerd worden zich spelenderwijs te ontwikkelen en plezier te beleven. Bij veel locaties van KinderRijk in zowel Amstelveen als Amsterdam als bij meerdere gastouders zijn opvangplaatsen beschikbaar. En vaak op korte termijn!

Copyright © 2012 KinderRijk. Privacy statement | Disclaimer | Contact